Skagen (4): Nogmaals, Marie Krøyers moed en talent

In 2012 kwam de Deense film ‘Marie Krøyer’ uit, met Birgitte Hjort Sørensen (bekend van de serie Borgen) in de titelrol. Ik zag deze film onlangs, en had me daarop verheugd, maar wat een teleurstelling…. De film blijft volledig hangen in het beeld dat nu al zo’n kleine honderd jaar geschetst wordt van Marie Krøyer, namelijk dat van ‘de mooiste vrouw van Denemarken, met die tragische relaties’. Ik had gehoopt dat de tijden veranderd waren en er inmiddels meer aandacht en waardering voor Marie’s artistieke werk zou zijn, in plaats van voor haar persoonlijke drama’s. Niets van dat alles. De film is esthetisch en fraai vertolkt, en een regelrechte tranentrekker – het betreft in mijn geval dan wel tranen van frustratie om de loze inhoud van dit geval, dat nota bene in het Skagens Museum verkocht wordt. Het is dus hoog tijd om Marie’s werk onder de aandacht te brengen – ditmaal haar werk als meubelontwerper en interieurdesigner.

Het is waar dat er weinig informatie en beeldmateriaal voorhanden is van Marie Krøyers werk. Haar oeuvre is relatief klein, en haar dochter Vibeke heeft na Marie’s dood in 1940 het grootste deel van haar omvangrijke archief vernietigd. Het meeste dat over Marie Krøyer geschreven is, is ook nog eens in het Deens (ik ben de taal inmiddels aan het leren). Het is echter de moeite waard om in het aanwezige materiaal te duiken. In het vorige blog kwam Marie’s talent als schilder voor het voetlicht. In dit blog gaat de aandacht naar haar activiteiten op het gebied van meubelontwerp en interieurdesign.

In 1891, als Marie en Søren (zo werd Peder Severin Krøyer in huiselijke kring genoemd) van hun Italiaanse reis terugkeren naar Denemarken, betrekken zij een vleugel van de boerderij van Madam Bendsen in Skagen.


Viggo Johansen, Madam Bendsens Hus, Skagen (1880-), p.c.

In de winter van 1894-95, als Marie hoogzwanger is van Vibeke, kunnen de Krøyers het voormalige gemeentesecretariaat aan de Sankt Laurentii Vej huren, in het westelijk deel van Skagen. Dit traditionele, Deense vakwerkhuis wordt eerst door architect Ulrik Plesner (1861-1933), die tijdelijk in Skagen verblijft en met wie de Krøyers bevriend zijn, gemoderniseerd tot een fraai en comfortabel kunstenaarshuis, compleet met studio. Het is hier, waar Marie voor het eerst haar talenten als interieurontwerpster ontplooit.


Krøyers Hus, Skagen. Skagens Museum

Marie richt het huis geheel naar eigen smaak in, geïnspireerd door de tijdgeest van de Arts&Crafts beweging. Veel ideeën doet zij op uit het Engelse tijdschrift The Studio, dat uitkomt vanaf 1893, en waarop de Krøyers geabonneerd zijn. The Studio is het platform voor de Engelse Arts&Crafts beweging, met in het verlengde daarvan de Aesthetic Movement en de Engelse Art Nouveau.


Omslag van de eerste uitgave van The Studio (april 1893)

De ideologische basis van de Arts&Crafts beweging is van socialistische aard en stoelt voornamelijk op het gedachtegoed van de Engelse kunstcriticus John Ruskin (1819-1900). Hij maakt bezwaar tegen de machinale productie van artikelen – in zijn ogen onmenselijk en demoraliserend – en pleit voor een herwaardering van de ambachtsman en de sociale en morele betekenis van kunst. Een van de belangrijkste eerste-generatie Arts&Crafts kunstenaars is de nog steeds populaire  William Morris (1834-1896). De idealen van de Arts&Crafts beweging verspreiden zich aan het eind van de negentiende eeuw vanuit Londen over de Britse eilanden, Europa en de Verenigde Staten.

John Ruskin had overigens tamelijk vastomlijnde ideeën over de rol van de vrouw in dit alles. Een vrouw was in zijn ogen in de eerste plaats huisvrouw, zonder beroep of inkomen. Van een vrouw werd verwacht dat zij het huis tot ‘veilige thuishaven’ zou maken voor haar buitenshuis hardwerkende echtgenoot. Aan het eind van de negentiende eeuw, met de opkomst van de vrouwenbeweging, gaan vrouwen echter langzaam maar zeker een grotere en actieve plaats innemen in de Arts&Crafts beweging.

Het kan zijn dat het ontwerpen van interieurs juist goed bij de persoonlijkheid van de perfectionistische Marie Krøyer past, omdat zij hierin haar diverse taken van huisvrouw, moeder, echtgenote en kunstenaar op een voor haar werkbare manier kan combineren.


Marie Krøyer, Bankstel (ca. 1897, kopie, origineel in Nationaal Kunstmuseum in Kopenhagen)

Marie heeft een goed ontwikkeld gevoel voor schoonheid, en dit talent zet zij met succes in bij haar interieurontwerpen. Voor Krøyers Hus ontwerpt zij niet alleen het hele kleurenschema en de textiele decoratie, maar ook een complete set meubels voor de zitkamer. Dit ameublement is tegenwoordig in bezit van het Nationaal Museum van Kopenhagen.


P.S. Krøyer, lezend. Zitkamer Krøyer Hus (na 1900), Skagens Museum. Op deze foto zijn de door Marie ontworpen stoelen en bank goed te zien.

In haar meubelontwerp is Marie Krøyer sterk geïnspireerd door de sobere stijl van de Schotse ontwerper Charles Rennie Mackintosh (1868-1928).


Charles Rennie Mackintosh, Interieur van Hill House, Schotland

Dit is niet alleen te zien is aan de meubels van haar zitkamer, maar ook aan de tafeltjes die zij ontwerpt.

     
Marie Krøyer, Ovaal tafeltje (1898), Skagens Museum
Marie Krøyer, Toilettafeltje (ca. 1898), particuliere collectie

Vanwege haar koudegevoeligheid ontwerpt zij voor haar huis een flinke haardpartij.


Marie, staand voor de door haar ontworpen haardpartij in de zitkamer, Krøyers Hus, Skagen (1895), Skagens Museum

Het totaal van haar inrichting kenmerkt zich door een vrije en harmonieuze combinatie van stijlen: haar eigen meubelontwerpen gaan samen met traditionele Deense boerenmeubels (die zij beschildert), Italiaanse tegels, Japanse matten, decoratief houtsnijwerk en beschilderingen in Arts&Crafts stijl, wandpanelen en meubelstoffering met door Marie zelf geweven of geborduurde stoffen, en Liberty-textiel. Een dergelijke eclectische stijl is ook kenmerkend voor de Aesthetic Movement: het verzameling van objecten en decoraties om een geheel van zo groot mogelijke, zinnenstrelende schoonheid te bewerkstelligen.


Krøyer’s Hus, Skagen, eetkamer. Skagens Museum. De stoelen in de eetkamer zijn kopieën van oude museumstukken.

In de beschildering van panelen, deur- en raamkozijnen en de motieven van de stoffering is de voorkeur van zowel Marie als haar man voor bepaalde bloemen te herkennen: zonnebloemen, en Sørens lievelingsplant, het klavertje.


Marie speelt voor Vibeke, zitkamer Krøyers Hus (1899), Skagens Museum


P.S. Krøyer, Holger Drachmann en Marie Kroyer, zitkamer Kroyers Hus (1898), Skagens Museum


Marie Krøyer, Klavertje-drie stoel (1895-), Skagens Museum


Marie, brieven schrijvend. Krøyers Hus (1894-), Skagens Museum. Let op de klavertjes-stoelen en de haardpartij.

De Krøyers beschouwen hun huis en inrichting geheel in de geest van de Arts&Crafts beweging als een met eigen handen vervaardigd totaalkunstwerk. De Krøyers waren niet de enigen die zich hiermee bezighielden. Dezelfde stijl en invloeden zijn bij meer Noordse kunstenaars te vinden. Een treffende overeenkomst met het echtpaar Krøyer is te vinden bij de Zweedse Carl en Karin Larsson.

Carl Larsson (1853-1919) is de bekende schilder van traditionele, Zweedse huiselijke tafereeltjes, die nu nog op menig kalender en legpuzzel te vinden zijn. Zijn vrouw Karin Bergöö Larsson (1859-1928), opgeleid aan de Arts&Crafts Academie in Stockholm,  ontwikkelt zich tot een bijzonder getalenteerde en originele interieurontwerpster. Hun huis en interieur worden weergegeven in Carl’s bekende aquarellen, en tonen een fraai voorbeeld van de Zweedse Arts&Crafts beweging, de Hemslöjd Bevaegelse. Deze beweging is sterk gericht op Zweedse traditionele ambachten en tradities, en stimuleert dit onder andere door onderwijs in huisvlijt en decoratiestijlen waarin natuurlijke materialen en motieven de boventoon voeren.


Carl Larsson, Een gezellig hoekje (1894), Nationaal Museum, Stockholm


Carl Larsson, Als de kinderen naar bed zijn (1894-98), Nationaal Museum, Stockholm

P.S. Krøyer is bekend met dit werk van Larsson, dat hij ziet op een tentoonstelling in Stockholm in 1897. Hij begint aan een vergelijkbare serie aquarellen, waarin hij zijn eigen huis, met Marie als decoratieve aanwezigheid, weergeeft.


P.S. Krøyer, Marie en Vibeke lezend, thuis in Skagen (1898), Musée d’Orsay, Parijs


P.S. Krøyer, Marie en Vibeke, thuis in Skagen (1898), Skagens Museum

Marie’s smaak en talent voor woninginrichting en –decoratie wordt al snel erkend door haar collega-kunstenaars, en ze krijgt enthousiaste bijval en assistentie van onder andere Anna en Michael Ancher, en opdrachten van andere bevriende kunstenaars. Voor de uitbreiding van het Skagense Brøndum’s Hotel in 1898 ontwerpt Marie een aantal meubels, en voor zover valt na te gaan is het ovale tafeltje daar een onderdeel van. Krøyers Hus (nu onderdeel van het Skagens Museum) wordt naast de traditionele ontmoetingsplek in Brøndum’s Hotel het vrolijke middelpunt van de Skagense kunstenaarskolonie.

Marie’s talenten als ontwerpster blijken een inspiratiebron voor velen, waaronder de architect Ulrik Plesner. In veel van zijn huizen en interieurs gebruikt hij ontwerpen van Marie, onder andere in het (voormalig) zomerverblijf van de Deense Koninklijke familie, net ten zuiden van Skagen, dat in 1914 voltooid wordt. ‘s Zomers wonen de Krøyers in Skagen, maar de winters willen zij in Kopenhagen doorbrengen. In 1897-98 laten zij een huis bouwen aan de Bergensgaden. Het ontwerp van het gebouw is van Ulrik Plesner, naar de ideeën die Marie en Søren aangedragen hebben. Zowel Marie als haar man hebben een eigen atelier in dit huis.


Bergensgaden 10, Kopenhagen

Het hele huis wordt door Marie en Søren naar eigen smaak en met eigen ontwerpen ingericht en gedecoreerd. Tegenwoordig is het huis een kantoor, maar sommige elementen van de inrichting van de Krøyers zijn nog aanwezig, zoals de monumentale, door Marie ontworpen trap met zwanenmotieven.


Marie Krøyer, Trap met zwanenmotief, Bergensgaden Kopenhagen (1898)

Op één van Krøyers aquarellen is de florale stijl, eerder toegepast in Krøyers Hus, ook te zien in het Kopenhaagse huis, in onder andere de decoratieve rand met sinaasappelranken. Ook in deze zitkamer is een flinke haardpartij gebouwd naar ontwerp van Marie.


P.S. Kroyer, Marie en Vibeke bij de haard, Bergensgade Kopenhagen (1899), Skagens Museum

Na 1900 raakt Marie steeds meer vervreemd van haar echtgenoot, mede door zijn toenemende geestesziekte. Vanaf 1902 heeft zij een relatie met de Zweedse componist Hugo Alfvén, tot grote frustratie van Krøyer – deze gaat zelfs zover zijn rivaal uit te nodigen in Skagen, in de hoop dat Hugo en Marie bij zoveel intensief contact genoeg van elkaar zullen krijgen. Op Krøyers meesterwerk Midzomer vreugdevuur op het strand van Skagen (1906), waaraan hij in 1903 begint, zijn Marie en Hugo rechts van de oplaaiende vlammen te zien, leunend tegen een bootje. Het is niet verwonderlijk dat de plaatsing van het overspelige stel op het werk, bijna onder de vlammen, veel stof tot speculatie heeft opgeleverd.


P.S. Krøyer, Midzomer vreugdevuur op het strand van Skagen (1906), Skagens Museum


P.S. Krøyer, Midzomer vreugdevuur op het strand van Skagen (1906), detail: Hugo Alfvén en Marie Krøyer. Skagens Museum

Pas in 1905, wanneer Marie’s en Hugo’s dochter Margita is geboren, stemt Krøyer in met een scheiding.

In 1908 koopt Hugo Alfvén een stuk woeste grond in Tällberg, in de Zweedse regio Dalarna, met een fantastisch uitzicht over het Siljanmeer. Marie ontwerpt voor deze plek een groot huis voor haar en Hugo, dat ze Alfvéngården noemen. De bouw van Alfvéngården neemt jaren in beslag, en ligt geregeld stil omdat Alfvén niet altijd over voldoende kapitaal blijkt te beschikken.  Waarschijnlijk krijgt Marie bij het maken van bouwtekeningen hulp van de Zweedse kunstenaar Gustaf Ankarcrona (1869-1933) die in dezelfde streek woont en werkt. Ankarcrona is, net als Carl en Karin Larsson, actief in de Zweedse Arts&Crafts beweging, de Hemslöjd Bevaegelse.


Alfvéngården, Tällberg, Zweden


Marie met dochter Margita, Alfvéngården (ca. 1912)

Alfvéngården is Marie’s meest omvangrijke werk, en een groot pijnpunt bij haar uiteindelijke scheiding van Hugo in 1936 is dan ook de strijd om het bezit van dit huis. Uiteindelijk valt het aan Marie toe, die het ‘verkoopt’ aan haar dochter Margita, maar er wel zelf blijft wonen gedurende de zomers. Na Margita’s dood in 1962 erft Marie’s oudste dochter Vibeke Alfvéngården. Vibeke verkoopt het, en koopt een kleiner huisje in de buurt.

Hugo Alfvén bouwt rond 1940, van het geld dat ingezameld wordt voor zijn zeventigste verjaardag, een nieuw Alfvéngården voor hemzelf en zijn kersverse, inmiddels derde echtgenote. Dit nieuwe Alfvéngården, in Leksand, is nu een museum, gewijd aan de componist, maar heeft met Marie niets te maken.

Het oorspronkelijke Alfvéngården van Marie Krøyer in Tällberg is privé-bezit en niet te bezoeken. Wat blijft is een enkele foto. En een droevige film.

 

Belangrijkste bronnen:
Anastassia Arnold, Balladen om Marie, Kopenhagen 2018
Mette Bøgh Jensen, Marie Krøyer – der skal mod til at have talent, Odder (DK) 2012
Raphael Fitzgerald, ‘Skagen artist Marie Triepcke Krøyer’, Artist Spotlight, National Museum of Women in the Arts, 21 en 22 februari 2013 [blog URL: https://nmwa.org/blog/skagen-artist-marie-triepcke-kroyer-part-1-of-2/] (geraadpleegd op 31-08-2020)
Lise Svanholm, Northern Light – The Skagen Painters, Gyldendal 2004
www.marie-kroyer.dk

1 gedachte op “Skagen (4): Nogmaals, Marie Krøyers moed en talent

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *