Een diepe voor

In veel kerken is een kruisweg te vinden met veertien staties, die het lijdensverhaal van Jezus illustreren. Het verhaal van deze kruisweg kan echter ook gezien worden als een metafoor voor de menselijke levensweg: een bij uitstek aardse kringloop van geboorte, bloei, dood en nieuwe lente. Een verhaal dat niet kerk-breed, maar universeel, mens-breed verteld kan worden. Uitgaande van dit gegeven, en in samenwerking met schrijver en dichter Steven van Campen, ontstond het boek Een diepe voor in de aarde. Weg van mensen: veertien kruiswegstaties in woord en beeld. Dit boek kwam in 2008 uit bij Uitgeverij Skandalon, en sindsdien worden de veertien staties op uiteenlopende locaties in het hele land geëxposeerd. Dit jaar is dat vanwege de Covid19-restricties echter niet mogelijk. In plaats daarvan heb ik een meditatieve impressie van Een diepe voor in de aarde gemaakt, in de vorm van een korte film.

Lees verder

De stilte van Hammershøi

De strenge lockdown duurt voort, het is hartje winter en we zitten nog steeds het grootste deel van de tijd binnen. Het vorige blog over de Franse intimisten Édouard Vuillard en Pierre Bonnard, met hun over-gedecoreerde interieurs, riep nogal wat reacties op als: mooi hoor, maar ik word wel een beetje simpel van al die drukte op het doek. Daarom stel ik u nu graag voor aan een schilder uit het nuchtere, sobere noorden: Vilhelm Hammershøi, een Deense tijdgenoot van Vuillard en Bonnard. Zijn werk blijkt bovendien een verrassende dialoog aan te gaan met de fascinerende camera obscura werken van de hedendaagse Finse fotografe Marja Pirilä.

   
Vilhelm Hammershøi, Witte deuren, Strandgade 30 (1899), part. coll.
Marja Pirilä, Milavida #21 (2013)

Lees verder

Nog minder uit, nog meer thuis

Het duurt altijd langer dan je denkt, ook als je denkt, het zal wel langer duren dan ik denk, dan duurt het toch nog langer dan je denkt… citeerde Hugo de Jonge onlangs zeer toepasselijk uit Judith Herzbergs werk. Een verlengde lockdown, aangescherpte maatregelen, én een avondklok. De pandemie is nog lang niet voorbij, en we zullen de binnenkant van ons huis weer goed kunnen bestuderen, misschien tot vervelens toe – tenzij je er natuurlijk van houdt om thuis te zijn en binnen te zitten.


Edouard Vuillard, Misia in een chaise longue (1900), The Israel Museum, Jerusalem

Er waren in de kunstgeschiedenis overigens regelmatig perioden dat, om diverse redenen, kunstenaars hun toevlucht zochten tot de veilige, beschutte intimiteit van het thuis. In dit blog handelt het niet om een Britse, maar een Franse variant, met een rijke stoffering, een mystieke sfeer, en vrouwen als behang. Maak kennis met de Nabis en het intimisme.

Lees verder

Engelen

ENGELEN

Nederland zit op slot, en zelfs de december-feestdagen zijn getekend door het coronavirus. Het is niet anders. In klein gezelschap kan het trouwens óók (of zelfs juist) goed toeven zijn. Bovendien zijn we niet afhankelijk van die paar dagen in het jaar om het goed te hebben. Dat kan in principe elke dag. Niettemin zijn het voor veel mensen momenteel moeilijke, donkere dagen. Hoog tijd voor een paar engelen.

Lees verder

Uitzicht – inzicht

We zitten weer in lock down. Voor sommigen begint het al te wennen, en anderen worden er stapel van. Het is in ieder geval één grote geduldoefening… en geduld is niet ieders sterkste kant. Een tijdsverschijnsel? Wanneer je bedenkt dat de gemiddelde museumbezoeker 9 seconden naar een kunstwerk kijkt, vraag je je af of kunst überhaupt wel echt gezien, laat staan beleefd wordt. Het kan echter ook anders. Misschien niet nu, concreet, live, maar in de toekomst hopelijk wel weer. Tot die tijd moeten we het doen met digitaal kunstkijken. Vandaag een kleine virtuele excursie, die zich, geheel in overeenstemming met de lock down, in een heel kleine binnenruimte afspeelt. Maar toch een venster op de wereld biedt.

Lees verder

Ars longa, vita brevis

Elk nadeel hep z’n voordeel, zou Johan Cruijff zeggen. Hoe verschrikkelijk de coronacrisis ook om zich heen grijpt, en hoe hard de culturele sector daardoor geraakt wordt, ik kan niet ontkennen dat het een weldaad is om in een relatief leeg museum rond te dwalen, en in alle rust en stilte kunst te kunnen opzuigen. Geen overspannen blockbusters, geen rijen, geen toeristen met kunst-gevaarlijke selfie-sticks. Een paar weken geleden ging ik op de valreep naar de tentoonstelling ‘Beauty is a line’ in het Rijksmuseum Twenthe, een van mijn favoriete musea. Het was een mooie tentoonstelling, al denk ik dat de definitie van ‘lijn’ wel enigszins vloeibaar wordt bij de kleurrijke vlakken van Matisse’s knipselcollages. De grootste verrassing in het museum was echter de actuele opstelling van de vaste collectie, onder de titel ‘Ars longa, vita brevis’, met als ondertitel ‘de menselijke conditie in de 21ste eeuw’. Hoe actueel wil je het hebben.

Lees verder

Skagen (4): Nogmaals, Marie Krøyers moed en talent

In 2012 kwam de Deense film ‘Marie Krøyer’ uit, met Birgitte Hjort Sørensen (bekend van de serie Borgen) in de titelrol. Ik zag deze film onlangs, en had me daarop verheugd, maar wat een teleurstelling…. De film blijft volledig hangen in het beeld dat nu al zo’n kleine honderd jaar geschetst wordt van Marie Krøyer, namelijk dat van ‘de mooiste vrouw van Denemarken, met die tragische relaties’. Ik had gehoopt dat de tijden veranderd waren en er inmiddels meer aandacht en waardering voor Marie’s artistieke werk zou zijn, in plaats van voor haar persoonlijke drama’s. Niets van dat alles. De film is esthetisch en fraai vertolkt, en een regelrechte tranentrekker – het betreft in mijn geval dan wel tranen van frustratie om de loze inhoud van dit geval, dat nota bene in het Skagens Museum verkocht wordt. Het is dus hoog tijd om Marie’s werk onder de aandacht te brengen – ditmaal haar werk als meubelontwerper en interieurdesigner.

Lees verder

Skagen (3): Er is moed voor nodig om talent te hebben

‘Der skal mod til at have talent’ (er is moed voor nodig om talent te hebben), schreef Marie Krøyer in 1887 aan haar vriendin en collega-kunstenaar Agnes Slott-Møller.
Marie Krøyer (1867-1940) wordt in de kunstgeschiedenis – àls er al over haar geschreven wordt – nogal eens afgeschilderd als een tragische figuur in de kring van Skagense kunstenaars. In de schaduw van haar beroemde, charismatische en virtuoze, maar geestelijk instabiele echtgenoot Peder Severin Krøyer (1851-1909), en geplaagd door zelftwijfel en faalangst, kwam haar werk nooit echt onder de aandacht van een breed publiek. Gedurende haar leven was Marie vooral bekend om haar schoonheid en haar dramatische persoonlijke leven. Toen haar dochter Vibeke in 1986 overleed, kwam echter een klein, doch verrassend oeuvre aan schilderijen van haar hand aan het licht, dat grotendeels werd aangekocht door het Skagens Museum. Men oordeelde dat, wanneer zij haar artistieke potentieel blijvend had durven inzetten, zij tot de grootsten van de Skagense kunstenaars behoord zou hebben.


Marie Krøyer, Wasgoed aan de lijn (Krøyers huis) (1890-98?), Skagens Museum

Lees verder

Skagen (2): Anna Ancher’s stille kamers

Anna Brøndum (1859-1935) is de dochter van de eigenaars van Brøndums Hotel in Skagen, het hotel dat aan het eind van de negentiende eeuw het hart van de Skagense kunstenaarskolonie vormt. Anna’s artistieke talent is van jongs af aan duidelijk. Ze krijgt in Skagen les van Karl Madsen en volgt op zijn aandringen en met instemming van haar ouders een driejarige professionele opleiding op Vilhelm Kyhn’s ‘privéschool voor tekenen en schilderen voor jongedames’ in Kopenhagen. Karl Madsen weet zich later te herinneren dat, wanneer Anna Brøndum in 1880 trouwt met Michael Ancher, zij van Kyhn het advies krijgt haar palet in zee te werpen en zich te wijden aan de traditionele taken van een getrouwde vrouw. Gelukkig heeft Anna deze raad niet opgevolgd, want zij ontwikkelt zich tot een opvallend begaafde kunstenares, die zich met haar moderne, frisse werk moeilijk binnen één kunstzinnige stroming laat plaatsen.

Anna Ancher, Studie voor naaister,  Nationaal Kunstmuseum, Kopenhagen         

Lees verder

Skagen, tussen twee schuimende zeeën…

‘….deze afgelegen plaats….deze woestijn tussen twee schuimende zeeën…. Als je een schilder bent, volg ons dan naar hier, want je zult hier een overvloed aan onderwerpen vinden om te schilderen. Hier is een omgeving die tot dichten aanzet….’
(Hans Christian Andersen, 1859)

Met de krantenfoto’s van overvolle stranden in het Hemelvaartweekend nog vers in het geheugen, dacht ik met enige weemoed terug aan deze afgelegen plaats ‘tussen twee zeeën’, die ik in 2013 bezocht: het Deense vissersdorp Skagen op het uiterste, noordelijke puntje van Jutland. Hier markeert een zanderige landtong de grens tussen de Noord- en Oostzee, die hier letterlijk op elkaar botsen, wat te zien is in de beslist ongewone branding. Het strand is er weids, licht, en vooral…. leeg. Pakweg honderdvijftig jaar geleden ontstond hier echter een belangrijke Deense kunstenaarskolonie.

             
P.S. Krøyer, Zuidstrand van Skagen (1883), Kunsthalle, Kiel              Zuidstrand van Skagen (2013)

Lees verder